Aetos Drones en Trinova zijn twee spelers die de voorbije jaren grote stappen hebben gezet op vlak van fotogrammetrie en inspecties in industriële, meestal erg risicovolle gebieden. Beiden zijn ze gespecialiseerd in klanten voornamelijk uit de (petro)chemische sector en bijgevolg kwamen ze vaak in elkaars vaarwater. In plaats van elkaar voortdurend te beconcurreren, besloten ze om de krachten te bundelen onder de naam HAVIQ en zich op die manier beter te wapenen tegen de komst van nieuwe buitenlandse concurrentie wanneer in 2021 de Europese dronewetgeving in voege gaat.

Het letterwoord HAVIQ staat voor Haven Antwerpen Veiligheid Innovatie en Quality, verwijzend naar de Antwerpse bakermat van beide bedrijven en hun innovatieve manier van bedrijfsvoering. Aetos Drones, onderdeel van Groep Maes, had gesprekken met meerdere potentiële partners maar vond de complementariteit met Trinova het grootst. Beiden hadden zowat hetzelfde klantenprofiel, maar ook hun aanpak en kernwaarden bleken nauw op elkaar aan te sluiten. Ze streven allebei naar de strengste normen van veiligheid tijdens risicovolle operaties en de beste resultaten op vlak van de data die de klant nodig heeft.

HAVIQ blijft onder de vleugels van Groep Maes, de bedrijvengroep boven Aetos Drones die al meer dan 40 jaar gespecialiseerd in alles wat in de hoogte gebeurt. Naast hoogwerkers en mobiele torenkranen, kunnen ze nu dankzij HAVIQ ook hoogwaardige inspecties met drones aanbieden. Voor HAVIQ betekent dit dat ze stabiliteit en zekerheid aan hun klanten kunnen bieden. Dat in combinatie met hun positie als marktleider op het vlak van industriële inspecties in risicogevoelige zones, maakt dat ze na de fusie nog een stuk sterker in de markt staan. “We merken dat veel klanten blij zijn dat ze eindelijk met een partij kunnen werken die wat sterker in zijn schoenen staat”, aldus Lieve Van Gijsel van HAVIQ.

Aetos Drones deed al veel industriële inspecties maar miste in zekere zin de tijd en kennis om aan het innovatieve stuk te sleutelen, zijnde engineering van nieuwe of betere oplossingen. Die expertise vonden ze bij Trinova. “We willen groeien in het ondersteunen van onze klanten op het vlak van ‘predictive maintenance’”, aldus Michiel Scharpé van HAVIQ. “Door het uitwerken van vluchtscenario’s en het implementeren van AI kunnen we op termijn diensten aanbieden waardoor de klant het onderhoud van het te inspecteren item beter kan voorspellen of inplannen. Daarvoor werken we samen met tal van externe partijen die ons de nodige expertise kunnen bijbrengen. We zoeken steeds naar het beste van twee werelden en proberen dat samen te brengen in één succesvol verhaal. Zo is HAVIQ ontstaan en zo werken we ook met externe partijen om onze dienstverlening continu te verbeteren.”

“Een van de industriële toepassingen waar we in België mee pionieren, is Optical Gas Imaging (OGI). Dat is een beeldvormingstechniek op basis van optische camera’s die gassen zoals bijvoorbeeld methaan, zwavelhexafluoride en honderden andere industriële gassen snel, nauwkeurig en veilig kan detecteren. Zo kunnen we dure en gevaarlijke gaslekken onmiddellijk detecteren. Het feit dat we het volledige spectrum aan infaroodcamera’s gaande van shortwave tot midwave en longwave kunnen aanbieden, maakt dat we een unieke positie in de markt hebben op vlak van OGI.”

“Door te fusioneren bundelen we niet alleen onze kennis en kunde, maar ook onze mankrachten en toestellen. Ik denk dat we ondertussen kunnen stellen dat we, zeker binnen Vlaanderen, het meest complete gamma aan opdrachten kunnen uitvoeren dankzij onze diversiteit aan piloten en toestellen, specifiek voor opdrachten in een industriële omgeving weliswaar”, zegt Scharpé. “We merken dat klanten dit erg appreciëren en daardoor vaker beroep doen op ons. Dat is een mooi voorbeeld van hoe een goede synergie van één plus één drie kan maken.”

Het samengaan van twee partijen heeft nog een extra voordeel. “Door de fusie versterken we elkaar in het kiezen van een duidelijke focus. Toen we nog concurrenten waren, deden we vaak nog allerlei andere opdrachten tussendoor die eigenlijk niet echt binnen onze focus lagen. Nu kiezen we resoluut voor opdrachten met een hoog risico, veelal in industriële gebieden. Omdat we ons zo gepositioneerd hebben via onze nieuwe identiteit, is het makkelijker om deze focus te bewaren. Zo verliezen we misschien een aantal side-projects, maar klanten en prospecten weten nu veel sneller waar we écht voor staan en durven daardoor ook sneller met ons in zee te gaan voor de projecten waar het inhoudelijk écht om draait.”

Pin It on Pinterest